Gereglementeerde informatie: Resultaten eerste semester 2026
Toelichting bij de markante feiten in het eerste semester van 2026 en de impact ervan op de financiële toestand van Fluxys Belgium
De bedrijfsopbrengsten in het eerste semester van 2026 bedragen 343 miljoen euro, wat neerkomt op een stijging van 13,7 miljoen euro ten opzichte van de bedrijfsopbrengsten in dezelfde periode in 2025 (329,3 miljoen euro).
Markante feiten aardgas
- Transitvolumes blijven hoog in eerste jaarhelft
- Sinds mei daling van de LNG-bevoorrading
- Gasverbruik op Belgische markt blijft stabiel
- Gascentrales vangen grotere schommelingen in elektriciteitsproductie op
- Gasopslag in Loenhout loopt trager vol
- Biomethaan groeit verder, bio-LNG blijft op een hoog niveau
- Structurele maatregelen verlagen methaanuitstoot verder
- Eind dit jaar eerste aansluiting van groene waterstofproductie
Markante feiten waterstof
- Eerste deel van Belgisch waterstofnet beschikbaar voor de markt
- Nieuwe stappen richting grensoverschrijdende waterstofinfrastructuur
Markante feiten CO₂
- Fluxys c-grid en OGE bundelen krachten en lanceren Ruhbens
- Eerste fase van het CO₂-netwerk in Antwerpse haven krijgt vorm
- België en Noorwegen versterken samenwerking rond CO₂-opslag
- Bilateraal akkoord BE-VK opent nieuwe opslagroutes voor CO₂
Financiële kerncijfers
| Winst- en verliesrekening (in duizenden euro’s) |
30/06/2026 | 30/06/2025 |
|---|---|---|
| Bedrijfsopbrengsten | 342.968 | 329.257 |
| EBITDA* | 174.183 | 155.710 |
| EBIT* | 84.609 | 61.879 |
| Nettoresultaat | 45.303 | 32.347 |
| Balans (in duizenden euro’s) |
30/06/2026 | 31/12/2025 |
| Investeringen in materiële vaste activa | 87.839 | 261.751 |
| Totaal van de materiële vaste activa | 1.880.915 | 1.862.241 |
| Eigen vermogen | 541.105 | 592.792 |
| Netto financiële schuld* | 378.716 | 326.904 |
| Totaal van de geconsolideerde balans | 3.178.744 | 3.173.685 |
* EBIT – Earnings Before Interests and Taxes: winst/verlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten, waaraan het resultaat van ondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode en de dividenden ontvangen van niet-geconsolideerde ondernemingen zijn toegevoegd. EBIT wordt gebruikt als maatstaf om de operationele performantie van de groep doorheen de tijd op te volgen.
* EBITDA – Earnings Before Interests, Taxes, Depreciation and Amortization: winst/verlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten, vóór afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen, waaraan het resultaat van ondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatie-methode en de dividenden ontvangen van niet-geconsolideerde ondernemingen zijn toegevoegd. EBITDA wordt gebruikt als maatstaf om de operationele performantie van de groep doorheen de tijd op te volgen, zonder rekening te houden met de niet-kaskosten.
* Netto financiële schuld: rentedragende verplichtingen (inclusief leasingschulden), zonder regulatoire verplichtingen, en na aftrek van de thesaurie ten gevolge van transacties voor de vervroegde herfinanciering, 75% van de geldmiddelen, de kasequivalenten en de geldbeleggingen op lange en korte termijn (de resterende 25% wordt als reserve aanzien voor operationele doeleinden (werkkapitaal) en daardoor niet beschikbaar geacht voor investeringen). Deze indicator geeft een idee van het bedrag aan rentedragende schulden dat zou overblijven als alle beschikbare thesaurie gebruikt zou worden om leningen terug te betalen.
Bedrijfsopbrengsten en nettoresultaat De bedrijfsopbrengsten van het eerste semester 2026 van de groep Fluxys Belgium bedragen 343,0 mln. EUR. Dat betekent een stijging van 13,7 mln. EUR ten opzichte van dezelfde periode van 2025, toen deze 329,3 mln. EUR bedroegen.
De evolutie van de bedrijfsopbrengsten wordt voornamelijk verklaard door de evolutie van de componenten die door de gereguleerde tarieven moeten worden gedekt. De tariefmethodologie bepaalt dat de redelijke operationele kosten moeten worden gedekt door de bedrijfsopbrengsten.
Het nettoresultaat stijgt van 32,3 mln. EUR naar 45,3 mln. EUR. De evolutie van het nettoresultaat van de periode wordt voornamelijk verklaard door lagere uitgaven voor de waterstof- en CO₂-activiteiten, waarvoor het regelgevende kader nog in ontwikkeling is. Het hiervoor opgebouwde latente actief zal worden omgezet in een regulatoir actief zodra dit kader is vastgelegd, wat een gunstig effect zal hebben op het resultaat. Deze evolutie wordt ook ondersteund door een stijging van de gereguleerde marge, als gevolg van de toename van de gereguleerde activabasis en de stijging van de OLO-rentevoet.
€ 87,8 miljoen investeringen In het eerste semester van 2026 bedragen de investeringen in materiële vaste activa 87,8 mln. EUR, tegenover 88,7 mln. EUR in dezelfde periode in 2025. Van dit bedrag ging 38,9 mln. EUR naar gasvervoersprojecten, 38,3 mln. EUR naar waterstofvervoersprojecten, 6,1 mln. EUR naar CO₂-vervoersprojecten en 3,3 mln. EUR naar opslagprojecten.

Markante feiten
Transitvolumes blijven hoog in eerste jaarhelft De volumes voor grens-tot-grenstransport stegen in de eerste helft van 2026 met bijna 5% tot 167,2 TWh, tegenover 160 TWh in dezelfde periode van 2025. Vooral de stromen naar Duitsland namen opnieuw sterk toe tot 122,6 TWh, tegenover 98 TWh in de eerste helft van 2025 (+25%). De stromen naar Nederland daalden daarentegen van 48 TWh naar 39,7 TWh (-17%).
De sterke export naar Duitsland werd ondersteund door een hoge activiteit op de LNG-terminal van Zeebrugge tijdens de eerste maanden van het jaar. Tussen januari en april werden 60 grote LNG-schepen gelost, tegenover 47 in dezelfde periode van 2025. Op 17 februari stroomde vanuit de terminal een recordhoeveelheid energie van 720 GWh in het Belgische net: evenveel als de dagelijkse productie van ongeveer dertig kerncentrales. Ook de activiteiten rond LNG als scheepsbrandstof bleven verder toenemen, met 39 laadoperaties in de eerste helft van 2026, tegenover 53 operaties voor heel 2025.
Sinds mei daling van de LNG-bevoorrading Vanaf mei veranderde de marktdynamiek aanzienlijk waardoor aanzienlijk minder LNG-leveringen hun weg vonden naar Zeebrugge. De impact was eveneens voelbaar op de doorvoer naar Duitsland. Ook in juli en augustus bleef de scheepstrafiek in Zeebrugge uitzonderlijk laag.
Gasverbruik op Belgische markt blijft stabiel Het aardgasverbruik op de Belgische markt bleef in de eerste helft van 2026 nagenoeg stabiel met 80,8 TWh, tegenover 82 TWh een jaar eerder. Door de milde temperaturen in winter en voorjaar daalde het verbruik door de openbare distributie met 6,1% van 46,8 TWh naar 43,9 TWh terwijl het industriële verbruik vrijwel stabiel bleef (van 21,0 TWh in H1 2025 naar 21,3 TWh in H1 2026). Opvallend was het toegenomen verbruik van gasgestookte elektriciteitscentrales (+11,3%, van 14,0 TWh naar 15,6 TWh), onder meer door de langdurige onderhoudswerken aan de resterende Belgische kerncentrales in het kader van hun levensduurverlenging.
Gascentrales vangen grotere schommelingen in elektriciteitsproductie op In het eerste semester van 2026 viel meermaals op hoe sterk de aardgasvraag voor elektriciteitsproductie toenam in periodes met weinig elektriciteitsproductie uit zon en wind. Van 4 tot 8 januari 2026 verbruikten de gasgestookte elektriciteitscentrales 1114 GWh aardgas, tegenover 282 GWh in dezelfde periode van 2025 (x 4). Tijdens de hittegolf van eind juni deed zich een gelijkaardige situatie voor: tussen 22 en 27 juni verbruikten elektriciteitscentrales 816 GWh aardgas, tegenover 283 GWh een jaar eerder, bijna een verdriedubbeling. Deze pieken illustreren het belang van aardgas als flexibele energiebron tijdens periodes waarin elektriciteitsvraag en -aanbod onder druk staan. Op die momenten helpen de gasgestookte elektriciteitscentrales om de schommelingen in de productie uit hernieuwbare bronnen op te vangen.
Gasopslag in Loenhout loopt trager vol Door gewijzigde marktomstandigheden kwamen de injecties in de ondergrondse opslaginstallatie van Loenhout dit jaar later op gang dan in voorgaande jaren. Daardoor ligt de vullingsgraad van de gasopslag in Loenhout lager dan in voorgaande jaren (60% op 21 september 2026). Deze trend is ook zichtbaar in de rest van Noordwest-Europa. Voor de klanten van de opslaginstallatie blijft het vandaag technisch mogelijk om de vereiste 90% van de door hen geboekte capaciteit tegen 1 december te bereiken.
Momenteel is 20% van de opslagcapaciteit nog beschikbaar voor volgende winter. We kijken samen met andere betrokken partijen hoe we de markt kunnen stimuleren om deze capaciteit verder te boeken.
Daarnaast is België, dankzij zijn strategische ligging en internationale verbindingen, minder afhankelijk van de opslagvolumes in Loenhout voor de gasbevoorrading tijdens de winter dan onze buurlanden.
Biomethaan groeit verder, bio-LNG blijft op een hoog niveau Hoewel biomethaan vandaag slechts een fractie van de totale gasbevoorrading vertegenwoordigt, bleef de productie ervan in België sterk groeien: 268 GWh in de eerste helft van 2026 tegenover 193 GWh in dezelfde periode van 2025 (+ 39%). Naast het groene karakter van deze energiebron biedt biomethaan het voordeel dat het volledig compatibel is met bestaande aardgasinfrastructuur en - installaties.
Ook de activiteit rond bio-LNG in de terminal van Zeebrugge bleef op een hoog niveau. In de eerste helft van 2026 werd ruim 1,0 TWh bio-LNG in de terminal herladen naar bunkerschepen en trucks, tegenover 1,07 TWh in de eerste helft van 2025.
Structurele maatregelen verlagen methaanuitstoot verder De methaanuitstoot van onze eigen activiteiten bleef ook in de eerste helft van 2026 verder dalen. Op 30 juni 2026 bedroegen onze CH4-emissies 682 ton, tegenover 748 ton in dezelfde periode van 2025, een afname van 9%. Hiermee blijven we in lijn met onze interne reductiedoelstellingen.
Deze daling is het resultaat van het MethER-programma (Methane Emission Reduction), waarin maatregelen zijn gebundeld om de methaanuitstoot van onze activiteiten structureel te verminderen. Dankzij dit programma hebben we onze methaanuitstoot sinds 2017 met ongeveer 75% teruggedrongen.
Ook in de eerste helft van 2026 bleven we investeren in structurele emissiereducties. Daarbij lag de focus op de verdere verduurzaming van onze installaties, het beperken van emissies tijdens operationele activiteiten en onderhoudswerken, en het versterken van onze detectie- en herstelprocessen voor lekken.
Eind dit jaar eerste aansluiting van groene waterstofproductie Fluxys Belgium bereidt in Zeebrugge de aansluiting op het aardgasnet voor van HyOffwind, de eerste grootschalige productie-eenheid van hernieuwbare waterstof in België. De aansluiting is gepland voor het eind van het jaar. HyOffwind produceert waterstof uit hernieuwbare elektriciteit en brengt het per vrachtwagen naar de industrie en naar tankstations. Volumes op overschot worden in ons net geïnjecteerd en verlagen de koolstofintensiteit van het aardgas.
Eerste deel van Belgisch waterstofnet beschikbaar voor de markt Begin 2025 is Fluxys hydrogen gestart met de aanleg van zijn waterstofleidingennetwerk. De leidingen worden aangelegd met multipurpose-technologie, zodat ze indien nodig ook voor andere moleculen kunnen worden gebruikt.
Het 14 kilometer lange leidingennetwerk in de haven van Antwerpen werd recent technisch voltooid en is nu beschikbaar voor de markt. Het traject tussen Zelzate en Kallo (34 kilometer) is volop in aanbouw en zou tegen het voorjaar van 2027 voltooid moeten zijn.
Deze leidingen verbinden de industriehavens van Gent en Antwerpen en vormen een strategische schakel in de uitvoering van de federale en Vlaamse waterstofstrategie, met het oog op de energiebevoorradingszekerheid en de decarbonisatie van de industrie in België en de buurlanden.
Nieuwe stappen richting grensoverschrijdende waterstofinfrastructuur We werken volop aan grensoverschrijdende waterstofverbindingen met onze buurlanden. In Nederland tekenden Fluxys hydrogen en Hynetwork, een filiaal van het Nederlandse Gasunie, begin april een samenwerkingsovereenkomst voor de beoogde ontwikkeling van een eerste interconnectie via Zandvliet.
Fluxys c-grid en OGE bundelen krachten en lanceren Ruhbens Fluxys c-grid en de Duitse vervoersnetbeheerder OGE hebben in maart het Ruhbens-project voorgesteld: een grensoverschrijdende CO₂-transportcorridor die de industrie in het Ruhrgebied en regio’s daarbuiten kan verbinden met uitvoerfaciliteiten in de haven van Zeebrugge en permanente opslaglocaties in de Noordzee.
Dankzij deze samenwerking zetten Fluxys c-grid en OGE een belangrijke stap in de ontwikkeling van grootschalige, betrouwbare CCS-oplossingen voor industriële spelers in Noordwest-Europa afhankelijk van voldoende marktvraag en passende ondersteunende mechanismen.
Eerste fase van het CO₂-netwerk in Antwerpse haven krijgt vorm Eind maart 2026 heeft de Vlaamse overheid Fluxys c-grid Antwerp aangeduid als lokaal CO₂-netbeheerder (LCNO – Local Carbon Network Operator) in het Antwerpse havengebied. Fluxys c-grid Antwerp is een samenwerking tussen Fluxys Belgium, Pipelink en Air Liquide.
Begin 2025 werd Fluxys c-grid Antwerp opgericht om in lijn met de Vlaamse regelgeving een CO₂- pijpleidingennetwerk te ontwikkelen en te exploiteren in het Antwerpse havengebied.
De eerste fase van dit leidingennetwerk van Zandvliet tot Lillo is volop in aanbouw en is voorzien om tegen eind september technisch te worden afgewerkt. Met dit netwerk zal afgevangen CO₂ van industriële spelers in het Antwerpse havengebied aangesloten kunnen worden op uitvoeropties naar permanente ondergrondse opslagoplossingen in de Noordzee.
België en Noorwegen versterken samenwerking rond CO₂-opslag Het Belgische staatsbezoek aan Noorwegen in maart 2026 bevestigde het strategische belang van de samenwerking tussen beide landen rond CO₂- transport en -opslag. Voortbouwend op hun jarenlange samenwerking ontwikkelen Fluxys en Equinor infrastructuur die industriële uitstoters toegang moet geven tot permanente CO₂-opslag in de Noorse Noordzee.
Aansluitend op de prinselijke missie brachten de Vlaamse en Waalse ministerpresidenten Matthias Diependaele en Adrien Dolimont samen met vertegenwoordigers van het Belgische CCS-ecosysteem een bezoek aan Northern Lights, een infrastructuurproject voor CO₂-transport en -opslag in Noorwegen. Dit onderstreepte de politieke steun voor CCS (Carbon Capture and Storage) en de ambitie om de samenwerking met Noorwegen verder uit te bouwen.
Tijdens het staatsbezoek ondertekenden België en Noorwegen bovendien een bilateraal verdrag voor grensoverschrijdend CO₂-transport, wat het regelgevend kader voor toekomstige investeringen verder versterkt.
Bilateraal akkoord BE-VK opent nieuwe opslagroutes voor CO₂ Op 16 juni werd een bilateraal akkoord tussen België en het Verenigd Koninkrijk ondertekend dat grensoverschrijdend transport van Europees CO₂ voor permanente opslag in de Britse Noordzee mogelijk maakt. Dit akkoord vormt een belangrijke stap in de verdere ontwikkeling van internationale CO₂-waardeketens en ondersteunt projecten zoals CarbonConnect, dat een onderzeese verbinding tussen Zeebrugge en CO₂-opslagsites in het Britse deel van de zuidelijke Noordzee beoogt.
België heeft eerder al gelijkaardige akkoorden gesloten met Noorwegen, Denemarken en Nederland.
Transacties tussen verbonden partijen
De transacties tussen verbonden partijen worden uiteengezet in Toelichting 11 van de verkorte halfjaarlijkse financiële staten in het halfjaarlijks financieel verslag 2026.
Financiële vooruitzichten
Tariefmethodologie
Het nettoresultaat van de gereguleerde aardgasactiviteiten wordt, conform de tariefmethodologie 2024-2027, bepaald door verschillende regulatoire parameters, waaronder de OLO-rentevoet, het geïnvesteerde eigen vermogen en de financiële structuur, alsook door de stimulansen. Het recurrente dividend zal blijven evolueren, hoofdzakelijk op basis van de bovenstaande parameters. De stijging van het nettoresultaat van de periode wordt grotendeels verklaard door de evolutie van de uitgaven voor waterstof- en CO₂-activiteiten, waarvoor het regelgevende kader momenteel wordt uitgewerkt.
Het latente actief zal worden omgezet in een regulatoir actief zodra het regelgevende kader is verduidelijkt, wat een positieve invloed op het resultaat zal hebben.
In juni 2026 heeft de CREG, de federale regulator, de tariefmethodologie voor de volgende regulatoire periode 2028-2031 goedgekeurd. Deze methodologie introduceert onder meer een nieuw model dat de billijke winstmarge verder moet stabiliseren. De billijke winstmarge is daardoor minder afhankelijk van de sterke volatiliteit van de rentevoeten op de financiële markten.
Financiële gevolgen van een aantal onzekerheden
De financiële gevolgen van een aantal onzekerheden op de aardgasmarkt worden door de onderneming van nabij opgevolgd. Voor meer informatie hierover, zie het hoofdstuk "Risicobeheer" (Economische veiligheid, Wereldwijde geopolitieke ontwikkelingen, Conflict in Oekraïne en sancties tegen Rusland) van het halfjaarlijks financieel verslag.
Halfjaarlijks financieel verslag beschikbaar
Het halfjaarlijks financieel verslag 2026 van Fluxys Belgium met de verkorte financiële staten is beschikbaar op de website van Fluxys Belgium.